De beste kapers staan niet aan wal
Een paar druppels regen hield het publiek niet weg van de elfde editie van Oostende voor Anker. Tweehonderdduizend bezoekers kwamen kijken naar 135 traditionele schepen tussen 65 en 6,5 meter. De dekken werden platgelopen, trilden mee met de muziek. Of ze ondersteunden de moedigsten die een tocht op zee gingen maken. Ahoi Oostende.
Nooit eerder zoveel A-klasse schepen
De Hollanders worstelen graag met het water, dat is bekend. Dat ze nu ook met de gevolgen van een ingewikkeld beheer van de kunstwerken op het kanaal van/naar Brussel te maken hebben, was een grote verrassing. Zo kwam het dus dat, door schade aan de Brug van Vilvoorde, enkele van de topstukken zoals De Mercedes en de Morgenster later dan voorzien in Oostende arriveerden.
.jpg)
De Belem, de absolute blikvanger kwam rechtstreeks over zee en meerde netjes aan aan de Cruisekaai, waar er een ontvangsttent klaarstond. Hierin kwam het publiek meer te weten over dit unieke schoolschip. De Fransen kregen nog later het gezelschap van de brandnieuwe topzeilschoener Gulden Leeuw. Zo nieuw dat de bemanning nog volop aan het werk was met haar op te tuigen. Het schip is de zoveelste getuige van de nieuwe richting die oude, quasi afgeschreven schepen kunnen krijgen als ze met zorg worden getransformeerd tot zeilend passagiersschip. De brik Astrid en de schoenerbrik Jantje zorgden met hun geregelde zeetochten voor voldoende beweging in het Montgomerydok. En als het wat te saai dreigde te worden ging schipper Marten zelf een beetje boven het water schommelspelen aan de ra’s. Ieder manoeuvre van de schepen, die geregeld in en uitvaarden met passagiers, werd nauwkeurig gevolgd door de talloze stuurlui aan wal.
.jpg)
De overeenkomst tussen een ‘stove ‘ en een stoof
De komst van aan twintigtal klassieke scherpe jachten en authentieke zeilende vissersschepen uit oost Engeland werd beschouwd als een natuurlijke voortzetting van de ronde en platbodems uit Vlaanderen en Zuid Nederland die de voorgaande jaren van dit festival het hoogtepunt maakten van hun stroppentocht door dit lage land.
.jpg)
Net zozeer getuigen de smacks en andere bawleys van een rijk visserijverleden langs de Engelse kusten, meer precies de grillige wateren van de Theemsmonding. Prachtig gelijnde schepen met een laag vrijboord, een steile steven en een hartvormige spiegel. De tuigage met het onvermijdelijke gaffeltuig en de ellenlange boegspriet levert niet alleen een spannende verhouding tussen romp en zeilvoering op, maar dwingt de talloze fotografen ook de vastgeroeste proporties van het digitale beeldformaat bij te stellen. Zoals langs alle Noordzeekusten redden Engelse gepassioneerde liefhebbers van oud hout de laatste overblijvers van een verdwenen visserij. Timmeren ze de oude visbun om tot knusse leefruimte en gaan ze er ‘as such’ mee de zee op.
Dat dit niet altijd meevalt, illustreerden de sponshanden en blauwe neuzen van de bemanning als de schepen één voor een in de vroege ochtend van donderdag en vrijdag de sluis binnenglijden. Maar het zijn wel de lievelingen van het publiek die met de Britten graag een paatje maken over de kwaliteit van vernissen en de gezelligheid van een ‘stove’ aan boord.
De tentoonstelling Oostendse kapers
De jaarlijks wisselende thematiek zoomde dus in op de veel te weinig bekende Kapervaart. Een bedrijf dat in Oostende veel welvaart heeft gebracht in de zeventiende eeuw. Maquettes en andere kaperobjecten zoals sabels en navigatie-instrumenten, werden aangevuld met tentoonstellingmateriaal uit de collectie van de werf Tourville van Gravelines (Noord Frankrijk) waar een kopie van een linieschip uit de kapertijd wordt gebouwd. Jean Yves Delitte, de artist in residence van Oostende voor Anker, toont een reeks prachtig gedetailleerd uitgewerkt plakkaten met daarop de typische kenmerken van de kaperij uitgetekend: hun status, hun schepen, hun wapens enz. Nog nooit eerder had een thematentoonstelling zoveel bezoekers. En hoewel er twijfels rezen over de nieuwe lay out van de Oostende voor Anker site aan wal, bleek de opstelling van de markt, recht tegenover de kaai van het Mercatordok een voltreffer. Het publiek werd ongemerkt aangespoord om de hele ronde te maken, inclusief een bezoek aan de recent gerestaureerde Mercator.
Scheepvaart in beeld
De verhalen van kapers en oude zeilvaart kunnen nooit lang genoeg zijn. Tekenaar / Architect Jean Yves Delitte heeft is er als striptekenaar/ scenarist zeker niet ongevoelig voor. Buiten dat hij het affiche van Oostende voor Anker 2010 heeft getekend, kreeg hij zo goed als een rol als artiest in residentie. Zijn tekeningen waren te zien in de thematentoonstelling, maar ook in de galerij vlak voor de loopplank van de Franse driemaster Belem.
Zijn strips, ondermeer van Black Crow, de reizen van de Belem en het fregat van Lodewijk de zestiende, waarvan een kopie wordt gebouwd, de Hermione, hadden heel wat belangstelling. Nog meer beeldende kunst maar deze keer tegen de arduinen kaaimuren van het Mercatordok. In pakkende groot formaat, zwart wit afdrukken geeft Mechtilde Sinnesael een kijk in de interieurs van de ronde en platbodems die zo dikwijls op Oostende voor Anker te gast zijn, maar feitelijk voor het grote deel van het publiek afgesloten blijven.
Leven is sfeer en sfeer is…
Met over de vijftig optredens van muziekkapellen, maar ook shantiegroepen en andere, door de zee en de scheepvaart geïnspireerde bands, was de authentieke Oostende voor Anker sfeer weer zo goed als onvermijdelijk. Waar je ook keek, nergens was een plek zonder beeld dat de bezoeker appelleerde aan zijn nautische genen.
Stapels kleurrijk touwwerk, de fraaie vormen van de bevrouwing in een ‘bleu blanc’ strepen truitje, het netwerk van masten en want, vibrerend van de wapperende vlaggen, de glans van druppels aan een netjes vernist scheepsonderdeel. En de honger van tweehonderdduizend bezoekers om toch maar geen fractie van al dat moois te missen, om zich, al was het maar voor die ene dag, kaper te vinden in Oostende.
Of alleszins bemanning van een groot nautisch eerbetoon aan het actieve scheepvaartleven met echte zeilschepen en fascinerende stomers. Oostende was een weekend lang niet alleen de stad aan zee, het was de plak waar de sfeer van de scheepvaart het meest beleefd kon worden.
Onder druk
Natuurlijk gaat er massaal veel aandacht naar de hoge tuigages van de zovele zeilschepen. Toch is de vloot van motor en stoomschepen heel bijzonder. De VIC 69 lag lichtjes sissend de aandacht te trekken van de zoveel liefhebbers van stoommachines en scheepjes die gebouwd zijn voor het harde labeur. Het snerende geluid van de stoomfluit bracht niet alleen de druk van de borrelende ketel op niveau, maar gaf een klank die echode in de herinnering van de oude stoomvaartdagen.
.jpg)
Aan de overkant lagen de ouwe jongens van de sleepvaart, gezellig bij elkaar en verbonden door een woordenschat die geen enkel bemanningslid van de zeilvaart begrijpt.
Ook voor de Bernisse, de voormalige houten kustmijnenveger Spa, stond men in rijen aan te schuiven. Wellicht om te controleren hoe de bemanning van vrijwilligers het schip jaar na jaar weer in opperbeste staat brengt.
Zowel kinderen als hun ouders zochten de Hydrograaf af naar de troon van Sinterklaas. Komt ervan als je aankondigt dat je de officiële pakjesboot bent.
.jpg)
Voor anderen was het al genoeg weten dat op hun tijdelijke huwelijksbootje ooit de Nederlandse Koningin had geslapen.
De Draken komen
Het thema is: de klassieke Draak. Een zeer elegant scherp jacht, getekend in 1929 door de Noor
Johan Anker. Het zeiljacht behoort tot de iconen van de zeilwereld. Een boot voor zeilers van stand. Oorspronkelijk bedoeld als toerjacht, groeide de Draak uit tot een Olympische klasse. Hierin heeft zelfs Staf Versluys wedstrijden gevaren, weliswaar niet op Olympisch niveau. Koning Boudewijn kreeg er een exemplaar van cadeau bij zijn troonsbestijging van de (Royal) North Sea Yacht Club. Deze Elan werd jaren later gerestaureerd door Jan Van Damme in Zeebrugge. Oostende is zowat de thuisbasis van alle Draken in België. De RNSYC organiseert geregeld nationale en internationale wedstrijden in de Drakenklasse.
De volgende editie van Oostende voor Anker heeft plaats van 26 tot 29 mei 2011.
.jpg)
Geen Oostende voor Anker zonder het team
Met net geen honderd waren ze dit jaar: de vrijwilligers die Oostende voor Anker realiseerden. Voor sommigen was het een actief lang weekend waarin ze hun handigheid konden tonen, gekoppeld aan een unieke vorm van samenwerking. Voor anderen was dit het orgelpunt van een lang jaar voorbereiden en plannen. En voor coördinator, organisator en duivel doet al Hubert Rubbens was dit de tiende climax van een van de meest complexe en veelzijdige evenementen die aan de kust plaatsvinden. Om het met zijn eigen worden te zeggen: zonder het enthousiasme en de inzet van de vrijwilligers zouden de schepen niet komen. En zonder de schepen zou er niets meer zijn om voor te organiseren. De wisselwerking, ondersteund met een oeverloze waardering voor het dynamische watererfgoed van onze regio en alle Noordzeekusten levert een uniek moment op waarin iedereen zijn persoonlijke link met de zee en de scheepvaart oprakelt.
.jpg)