Brel’s Askoy II gered door twee believers

Op 8 april 2021, de verjaardag van Jacques Brel zal het zover zijn. Dankzij de inzet van de Blankenbergse broers Staf en Piet Wittevrongel die al jaren werkten aan de restauratie van het zeiljacht wordt het schip te water gelaten in de haven van Zeebrugge.  Dit mythisch schip werd in 1974 aangekocht door Jacques Brel, de chansonnier bij uitstek. Hij zeilde ermee naar het eiland Hiva Oa in de Markiezenarchipel in de Stille Oceaan voer.Door een slepende ziekte verkocht hij het schip in 1976.

Via binnenwateren zal de Askoy II eerst naar de voorhaven van Zeebrugge varen waar de masten geplaatst worden door de Jan Vandamme en zijn team. Na de havenfeesten van Blankenberge zal de Askoy II haar zeil maiden trip als een herrezen Phoenix inzetten naar Oostende voor Anker. Het project staat in teken van het in ere houden van Maritiem Erfgoed. Daarnaast willen de initiatiefnemer de positieve geest van Jacques Brel in leven houden.” Normaal ging het zeilschip vorig jaar te water gelaten worden, maar wegens het overlijden van de scheepstimmerman en Miss Corona werd de tewaterlating uitgesteld. Het project is bijna af; dankzij de nieuwe scheepstimmerman Bernard Bolson. Hij meldde zich spontaan aan bij de broers Wittewrongel en werkte sinds het begin aan de eerste “Lock Down” in maart 2020 tot nu onafgebroken aan het zeilschip. Hij is trouwens een oude werknemer van de vliegtuigbouwer “Dassault” en restaureerde reeds het vliegtuig van Brel. Alles moet passen zoals een puzzel en zowel de romp, sanitair, voorstuwing als bekabeling zijn reeds in orde. De kajuiten en leefruimte hebben nog wat tijd nodig, maar het lukt hen wel.

De Askoy II werd in 1960 gebouwd op de Antwerpse werf Van de Voorde. Askoy is de naam van een eiland voor de Noorse kust, vlakbij de havenstad Bergen. De Askoy II is één van de grootste stalen zeiljachten gebouwd in België na de Tweede Wereldoorlog. De RYCB (Royal Yacht Club van België) in Antwerpen bezit een schaalmodel van het prestigieuze jacht.

Het zeiljacht werd in opdracht van Hugo Van Kuyck (1902-1975) gebouwd. Van Kuyck werkte als burgerlijk ingenieur bouwkunde bij Victor Horta vanaf 1932. Tussen 1936 en 1940 doceerde hij aan Yale University. Van Kuyck bereidde als officier in het Amerikaanse leger mee de landing in Normandië voor. Als modernistische architect liet Van Kuyck in de jaren 1950 een omvangrijk oeuvre van kantoorgebouwen in Brussel na.

Van Kuyck tekende zelf de eerste schetsen voor het ontwerp van de Askoy II, die vervolgens door Raymond Derkinderen werden uitgewerkt. Van Kuyck zeilde met zijn jacht op de Noordzee, rond Schotland en Noorwegen.

Toen bij Brel in 1974 longkanker werd geconstateerd, vestigde hij zich definitief op Hiva Oa. In 1976 verkocht hij de Askoy II aan een Amerikaanse. Nadien werd het schip meerdere keren verkocht tot het in 1994 voor de kust van Nieuw Zeeland in een storm terecht kwam en strandde op Baylys Beach (bij Dargaville).

Met het vliegtuigje Jojo (genoemd naar zijn kort tevoren overleden vriend) verleende Jacques  hand-en-spandiensten aan de lokale bevolking. Hij reisde nu en dan naar Europa voor een medische behandeling alsook voor het opnemen van zijn dertiende en meteen laatste lp, getiteld Les Marquises.

Les Marquises (ook wel bekend onder de titel Brel), kwam uit op 17 november 1977. Het was de eerste volwaardige en volgens critici artistiek hoogstaande plaat van Brel in bijna tien jaar. Ook commercieel kende de plaat een groot succes. Op de dag van de release werden er meteen 650.000 exemplaren van verkocht. In totaal zouden er meer dan twee miljoen albums over de toonbank gaan.

Kort na het uitkomen van de plaat keerde Brel weer terug naar Hiva Oa, waar hij tot de zomer van 1978 samen met Maddly verbleef. Een snel verslechterende gezondheidstoestand dwong hem de laatste drie maanden van zijn leven in Frankrijk door te brengen. Op 9 oktober 1978 overleed hij aan een longembolie. Hij werd begraven op het kerkhof van Atuona in Hiva Oa, niet ver van het graf van Paul Gauguin.

Enkele zeilfanaten en fans van Jacques Brel richtten in 2004 de vzw Save Askoy II op, met de intentie om het wrak terug in België te krijgen en het schip in volle glorie te herstellen. In 2004 kreeg de vzw de eigendomsrechten van het schip van de vorige eigenaar. Het wrak werd in december 2007 opgegraven op strand van Baylys Beach en kwam in mei 2008 in België aan. Op dat ogenblik was het schip niet meer dan een verwrongen en verroeste romp. De masten, het dek, de verstaging, de motor, het interieur en de dekuitrusting waren verdwenen.

Het was de bedoeling dat de Maritieme Site Oostende het schip in zijn oorspronkelijke toestand zou restaureren, maar de Maritieme Site moest alle activiteiten stopzetten. Daarom werd op 8 april 2010 de Askoy II naar de Nieuwe Scheldewerven in Rupelmonde overgebracht. Daar werd volop gewerkt aan de restauratie van de romp van het schip. Er werd een nieuw dek toegevoegd. In het schip werd een stuk staal ingewerkt van de WTC-torens. Op de werf Van Damme in Zeebrugge werden ondertussen naar de originele plannen houten masten vervaardigd.

De doelstelling van de vzw Save Askoy II is om van het schip een varende ambassadeur te maken. Het interieur werd aangepast om het varen met groepen toe te laten. Alvast een dikke pluim voor alle vrijwilligers en in het bijzonder voor Staf en Piet Wittevrongel, bezielers van dit uitzonderlijk project !