Oostende voor Anker viert de helden van destijds

Oostende voor Anker viert de helden van destijds
Jaarlijks kiest het festival Oostende voor Anker een thema om in de schijnwerpers te plaatsen. Voor de 19de editie wordt dit de 100ste verjaardag van de Raid van het Britse marineschip Vindictive op de haven van Oostende. Een herdenkingsplechtigheid op 10 mei 2018, precies honderd jaar na de Raid aan de boeg van het schip, met de aanwezigheid van diverse Belgische en Buitenlandse prominenten waaronder tal van nazaten van de bemanningsleden, wordt één van de hoogtepunten. Bovendien krijgt op dezelfde dag het onbekende graf van één van de matrozen gestorven tijdens de raid, eindelijk een naam. Na intensief zoekwerk zal het onbekende graf op de stedelijke begraafplaats in de Stuiverstraat de naam dragen van de stoker Petty Officer Charles McDonald. Na 100 jaar staat de geschiedenis niet stil. Ook unieke foto’s zullen getoond worden van de Raid van HMS Vindictive en het leven in Oostende tijdens de Eerste Wereldoorlog. Dit zal enerzijds gebeuren in de Venetiaanse Gaanderijen waar de dienst cultuur van de Stad Oostende een uitzonderlijke reeks foto’s zal tentoonstellen en anderzijds op de site van Oostende voor Anker. Het geheel van de plechtigheden eindigt op zondagmorgen met het hijsen van de nationaliteitsvlaggen van de toenmalige geallieerde mogendheden.
NVDR De gerestaureerde boeg van HMS Vindictive kreeg in mei 2013 een prominente plaats op de Oosteroever te Oostende. Met dat schip probeerden de Britten in de nacht van 9 op 10 mei 1918 de haven van Oostende te blokkeren om zo de toegang van Duitse onderzeeboten te verhinderen. Dicht bij de plaats waar het schip bewust tot zinken werd gebracht is het herdenkingsmonument nu een stille getuige van de “Groote Oorlog”.

De raid op Oostende 23 April 1918
De blokkeringsraid op de Oostendse haven
Gelijktijdig met de raid op Zeebrugge werd op 22/23 april 1918 omstreeks middernacht een raid uitgevoerd op de haven van Oostende. De twee schepen die de haven moesten blokkeren, de Brilliant en de Sirius vonden hun doel niet. De reden hiervoor was dat de windrichting veranderde en dat men niet op de hoogte was dat één van de boeien die de haveningang markeerde door de Duitsers opzettelijk verplaatst was. Maar ook door het aangelegde rookgordijn was de zichtbaarheid beperkt en mistten beide schepen de haveningang op amper 2200 meter. Ze liepen aan de grond en de scheepscommandanten waren verplicht om hen tot zinken te brengen om zeker te zijn dat de beide schepen niet in vijandelijke handen vielen.

Raid van de HMS Vindictive op Oostende 10 mei 1918
De tweede poging
Er werd overeengekomen dat vice-admiraal Roger Keyes een tweede poging mocht opzetten om de haven van Oostende te blokkeren. Hiervoor was er echter weinig tijd want het moest binnen de 4 dagen zijn na de raid op Zeebrugge en Oostende om te kunnen genieten van hetzelfde getij en maanstand. De HMS Vindictive werd in Dover gevuld met 200 ton beton. Commandanten en bemanningen die deelnamen aan de eerste poging meldden zich aan als vrijwilliger om een nieuwe poging te ondernemen. Maar door het slechte weer op 27 en 28 april werd de raid uitgesteld. Om zeker te zijn van een succes, werd ook een tweede oude cruiser, de HMS Sappho ingezet en eveneens gevuld met cement.

De operatie gaat van start op 9 mei 1918
In de avond van 9 mei voeren de Vindictive en de Sappho richting Duinkerken van waaruit commandant Lynes het bevel zou voeren richting de haven van Oostende. Door een probleem in het ketelhuis moest de Sappho echter achterblijven in Duinkerken waardoor de Vindictive uiteindelijk alleen naar Oostende opstoomde.
Precies om 01.43 uur kwamen zowel de Britse marine eenheden als de Royal Air Force in actie. Zij openden het vuur op de vijandelijke stellingen en de luchtmacht dropte bommen op de verdedigingslinies in Oostende. Op hetzelfde ogenblik daalde een mistbank neer die voor de nodige problemen zorgde bij de ingezette eenheden. Visueel waren de schepen onzichtbaar geworden voor elkaar en destijds bestond er geen communicatie-apparatuur.
HMS “Vindictive” komt aan ter hoogte van de Oostendse haven
Deze keer hadden de Britten ook hun eigen boei, voorzien van calciumfosfide, geplaatst voor de haven van Oostende om de Vindictive te leiden en om te voorkomen dat een tweede keer de toegang werd gemist. Om 02u:00 vond het schip de ingang van de haven en kwam het binnen met behulp van de schijnwerpers van andere schepen. Dit hielp de Vindictive om koers te zetten naar het doel, maar het schip kwam onder vijandelijk vuur te liggen. Ter hoogte van de kop van de beide staketsels bevonden zich machinegeweernesten die het schip onder vuur namen. Het werd uiteindelijk geraakt aan de schroef die blokkeerde met als gevolg dat het schip stuurloos werd.

“Vindictive” wordt verlaten en gezonken
De verbinding tussen de commandobrug en de besturing werd verbroken. Commandant Godsal (voormalig commandant van het blokschip HMS “Brilliant”) ging buiten de brug (Conning Tower) staan om zijn bevelen te geven en het schip te draaien. Hij werd echter op slag gedood door een mortierbom die insloeg naast de brug (zijn lichaam werd nooit gevonden). Luitenant Crutchley nam het bevel over en bracht het schip uiteindelijk tot aan het oosterstaketsel waar het vastliep. Hij gaf het bevel om het schip te verlaten en het op te blazen. Motorboten (motor launches ML254 en ML276) kwamen onder vijandelijk vuur de haven ingevaren om de overlevende bemanning van de HMS Vindictive op te pikken.

De geredde bemanning
De HMS “Warwick” en de andere schepen die deelgenomen hadden aan de raid begonnen hierna aan de terugreis. De motorboot ML254 maakte echter water en stuurde een SOS uit die opgevangen werd door de andere schepen. Na de reddingsactie werd het tijd om de zone te verlaten want het getij was aan het zakken. Toen de HMS Warwick richting kanaal wilde varen raakte het schip een Duitse zeemijn. Het ganse achterdek werd vernietigd en de HMS Velux en HMS Whirlwind moesten de Warwick naar Dover slepen.

Slachtoffers
In totaal sneuvelden 2 officieren en 6 bemanningsleden; 5 officieren en 25 bemanningsleden werden gewond en 9 personen werden als vermist opgegeven.