Zeesleper Elbe: 1959-2019

Vanaf 24 februari 1959 tot op de dag van vandaag heeft de Elbe sleep- en scheepvaart-geschiedenis geschreven. Het begon al met een dagenlang durende mist, die de proeftocht en de overdracht in de war dreigde te sturen. Deze kon uiteindelijk toch plaatsvinden omdat een onverwacht krachtig voorjaarszonnetje de mist verdreef. Het eerste sleepkarwei onder bevel van kapitein A. Poot was maar een kort reisje. Het passagiersschip Victoria werd in 10 uur tijd van Vlissingen naar Rotterdam gesleept. Nadien volgde als snel het grotere werk. In 1959 volgde nog een reis met twee vliegdekschepen tegelijk van Boston naar Antwerpen.

Actieschip Greenpeace

The Association of Maryland Pilots besloot in 1985 haar loodsvaartuig Maryland te doneren aan de milieuorganisatie Greenpeace. De oorspronkelijke Elbe werd nog verder verbouwd met hydraulische kranen voor het lanceren van de bekende rubberboten en het schip kreeg een helikopterdek, om tijdens expedities in Arctische wateren, luchtsteun te verkrijgen bij het zoeken van een route door het ijs. Omdat de Elbe niet als ice class gebouwd is, heeft Greenpeace 17 mm extra staal toegevoegd aan haar boeg. Toch bleef assistentie van een helikopter zeer welkom.

De Elbe werd op 4 januari 2002, na vele jaren afwezigheid, verwelkomd in de Rotterdamse wateren. Voor het eerst sinds september 1976 keerde het schip weer terug onder de naam Elbe en met een blauwe band in de schoorsteen.

De eerste ligplaats van het schip was Schiedamse de Wiltonhaven. Hier werd begonnen aan de restauratie. Het ankerspil werd overhaald en de voormast werd in originele staat gebracht, onder andere zonder kraaiennest. Het verbrede brugdek, met overdekt sloependek werd aangepast en met het verwijderen van het helikopterplatform op het achterdek kreeg de Elbe de eerste contouren van de zeesleepboot weer terug.

In het voorjaar van 2003 is de Elbe startschip voor de Heineken Race of the Classics. De Elbe keert in oktober 2003 en april 2004 terug naarhaar oorspronkelijke thuishaven Maassluis. Tot op 30 juli 2004 het noodlot toeslaat: De Elbe wordt aangevaren door het zwaar transportschip Fairpartner, waarbij de Fairpartner zich met de bulbsteven in de machinekamer boort. De Elbe zinkt binnen een paar minuten.

Het schip wordt geborgen en hersteld in Vlaardingen. De Elbe is het laatste schip dat in dok gaat bij scheepwerf HVO. De werf sluit daarna de poorten. Op 27 oktober 2004, de Elbe ligt dan bij Wärtsilä in de Schiedamse Wilhelminahaven, zinkt de Elbe opnieuw, ditmaal door sabotage. De vrijwilligers zien hun maandenlange werk onder water verdwijnen, maar houden hun droom vast: De Elbe wordt gered van de slopershamer en de restauratie gaat voort.

Op zaterdag 12 februari 2005 keert de Elbe terug naar Maassluis,haar oorspronkelijke thuishaven. Bij een temperatuur van 3 graden en windkracht 8-9 uit het zuidwesten, krijgt het schip een warm welkom van honderden belangstellenden. Het vervolg van de restauratie is omvangrijker dan ooit. De machinekamer wordt compleet overhaald, de bekabeling in het hele schip wordt vervangen, het interieur wordt grotendeels gedemonteerd, het schip wordt opnieuw geïsoleerd, tanktops worden vervangen, het in 1976 verwijderde berghout wordt opnieuw aangebracht, de tijdelijk verwijderde achtermast wordt overhaald en teruggeplaatst, de verschansing op het achterdek wordt vervangen, de brugvleugel bij de achtermast wordt teruggeplaatst, de machinekamerkap wordt vernieuwd en de beting wordt weer op het achterdek geplaatst.

Al deze werkzaamheden maken van de Elbe weer een varend schip dat anno 2019 de glans van zeesleper weer ruimschoots terug heeft.

De Elbe zal voor de tweede keer Oostende voor Ankeraandoenen is echt de moeite om te bezoeken. Hij zal aan de Cruisekaai gemeerd liggen achter het station.